broer/zus < 12 jaar > jouw gezin > vader - moeder

Door de ziekte van je broer of zus gaan er bij jou thuis misschien dingen anders. Misschien kunnen jullie niet zomaar op vakantie of is er vaker een oppas thuis. Het valt niet mee om je altijd aan te passen aan je zieke broer of zus. Hieronder vind je wat tips die je hierbij misschien kunnen helpen.

  • Ook al is je broer of zus heel erg ziek: Jij bent ook belangrijk! Dat betekent dat jij ook aandacht mag vragen aan je vader en moeder. Het lukt misschien niet altijd meteen. Maar het is wel fijn om elke dag ook even iets met hen alleen te doen. Vertel ook aan je vader en moeder wat je graag samen zou willen doen (bijv. een spelletje, samen de hond uitlaten, helpen met je huiswerk, samen tv kijken). Misschien kan dat als je broer of zus naar bed is of als er iemand in huis is om voor je broer of zus te zorgen.

  • Moet jouw broer of zus wel eens in het ziekenhuis blijven? Dan zul je hem of haar misschien best missen. Vraag aan je vader en moeder of je ook een keer mee mag. In veel ziekenhuizen is een internetverbinding. Dan kun je misschien wel berichtjes sturen met WhatsApp, skypen of elkaar een mailtje sturen. Je kunt ook een aftelkalender maken en daarop bijhouden wanneer je broer of zus weer naar huis komt.

  • Als je broer of zus in het ziekenhuis moet blijven, dan blijven je vader of moeder misschien wel slapen. Je kunt ze dan best missen. Vertel dat maar tegen ze, dat is altijd goed. En misschien kunnen jullie samen iets bedenken, zodat je ze minder erg mist. Bijvoorbeeld dat mama of papa net voor het slapen gaan nog even een verhaaltje voorleest door de telefoon.

  • Heb je het gevoel dat je altijd met je zieke broer of zus moet spelen of op moet passen? Misschien vragen je vader en moeder dat. Of vind je het zelf zielig dat je broer of zus geen vriendjes heeft om mee te spelen? Als je wel eens tijd wilt voor jezelf mag je dat ook gewoon zeggen. Jij hebt je eigen vrienden en vriendinnen en daar moet je ook gewoon mee kunnen spelen.

  • Het kan best zijn dat je soms jaloers bent op alle aandacht die je zieke broer of zus krijgt. Misschien krijgt hij of zij wel heel veel post en leuke cadeautjes. Dan kun jij je wel eens afvragen: ‘Hé, en ik dan?’ Dat is een heel normaal gevoel. Je mag ook best zeggen tegen je vader en moeder hoe dat voor jou is. Soms hebben ze het zelf niet eens zo goed in de gaten.

  • Misschien vind je dat je zieke broer of zus soms wordt voorgetrokken. Je mag je vader en moeder best vertellen wat je eerlijk en niet eerlijk vindt.

  • Als jij een keer ziek bent, dan zorgen papa en mama ook extra voor jou. Hoe vind je dat? Of is het anders dan bij je broer of zus? Krijg je dan evenveel aandacht? Vertel dan ook aan papa en mama wat je fijn vindt en wat niet.

  • Soms wil je iets met het hele gezin doen, maar kan dat niet. Bijvoorbeeld naar het zwembad, uit eten of een stuk fietsen. Je kunt dan teleurgesteld zijn omdat het bij jullie niet kan. Als je iets wilt, praat er dan toch met je vader en moeder over. Misschien kunnen jullie samen bedenken hoe het wel zou kunnen. Of misschien kun je een keer met een ander gezin of met opa en oma mee om toch een leuk uitstapje te maken.